Bij kinderen met hechtingsproblemen wordt differentiatie- en fasetherapie ingezet.

Differentiatietherapie wordt bij hechtingsproblemen ingezet omdat de waarnemingen van deze kinderen vaak onvoldoende ontwikkeld zijn, ze zwart/wit kunnen denken over zowel mensen als dingen en nauwelijks merken dat er ook grijstinten zijn. In de therapie wordt het kind gestimuleerd om allerlei details te gaan voelen en opmerken. Zoals warm/koud/zoet/zuur/hard/zacht.

Fasetherapie wordt uitgevoerd door de therapeut in samenwerking met ouders/verzorgers. De levensfasen baby-peuter-kleuter-schoolkind met bijbehorende behoeften en ontwikkelingstaken van het kind worden in doe-alsof spel tussen ouder en kind opnieuw doorlopen. Hierdoor kan wat een kind in eerdere fases heeft gemist worden ingehaald en opnieuw een plek krijgen.

Comments are closed.